Twee waterschappen

In Stichtse Vecht zijn er twee waterschappen actief op ieder een eigen deel van het grondgebied. Waterschap Amstel, Gooi en Vecht (AGV) en Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden (HDSR) werken samen met de provincie, gemeente en inwoners aan een veilige, gezonde en prettige leefomgeving. Een visie over duurzaamheid is onderdeel daarvan.

 

Heeft u een initiatief voor een zonneveld in het buitengebied van de gemeente Stichtse Vecht? We vragen u in gesprek te gaan met uw gemeente en uw waterschap. Lees eerst onderstaande informatie.

Energieneutraal

Streven van AGV en HDSR is om als organisatie energieneutraal te zijn in respectievelijk 2025 en 2030. Dat betekent dat de waterschappen zuinig zijn met energie én evenveel energie duurzaam opwekken als ze verbruiken.

 

Rol van het waterschap

De waterschappen werken aan duurzame energieprojecten in 3 verschillende rollen:

  1. als projectleider en investeerder van eigen projecten
  2. als adviseur bij ruimtelijke plannen (de zogenaamde watertoets bij bestemmingsplannen) en bij concrete projecten van anderen zoals een zonnepark of een warmteproject dat in relatie staat met het sanitaire- of het watersysteem
  3. vanuit haar verantwoordelijkheid voor de uitvoering van de Waterwet: bewaken van het kwalitatief en kwantitatief functioneren van het watersysteem

De waterschappen bekijken welke mogelijkheden er zijn voor opwekking van energie gebruik makend van (afval)water, gemalen, rioolwaterzuiveringsinstallaties, daken en terreinen. Zonnevelden kunnen hier een onderdeel van uitmaken.

Projecten op eigen terrein (anno 2018)

In de Bilt heeft de HDSR geïnvesteerd in een zonnepark op eigen terrein, in samenwerking met de lokale energiecoöperatie BENG (zie filmpje).

 

AGV heeft duurzame energie projecten gerealiseerd in Huizen, Blaricum, Loenderveen (drinkwaterproductielocatie) en Mijdrecht. AGV werkt aan projecten in Amstelveen, Uithoorn, Horstermeer.

Voorwaarden voor zonnevelden: infiltratie en afwatering

Het watersysteem en de bodem mogen geen nadelen van zonnevelden ondervinden. Daarom dient, in overleg met het waterschap, rekening te worden gehouden met de volgende uitgangspunten:

  1. de grond mag maar minimaal verhard worden (zie hieronder bij ‘fundering panelen’)
  2. de bodem moet een kwaliteit behouden waarbij infiltratie mogelijk blijft
  3. er mag geen versnelde afvoer van hemelwater plaatsvinden
  4. er is voldoende afstand tot primaire en tertiaire watergangen (voor onderhoud)

Fundering van het zonneveld

Voor het watersysteem zou het toepassen van een schroefsysteem het beste zijn voor fundering. Wanneer er waardevolle archeologie vrij oppervlakkig in de bodem zit, heeft bovengrondse ballast de voorkeur. Om het regenwater goed af te laten stromen, moet het grootste deel van de bodem onbedekt blijven. Ballasten van de rekken waar de panelen op gemonteerd zijn, is dus wel mogelijk. Totale verharding (zoals volledige stelconplaten) onder de zonnepanelen, is niet toegestaan.

Kans: zonnevelden in combinatie met waterbergingsopgave

De waterschappen denken graag mee met initiatiefnemers over ‘gewone’ zonnevelden en over innovatieve functiecombinaties. Zoals het plaatsen van panelen op gronden waar extra waterberging wordt gerealiseerd. De panelen zullen daar veelal droog staan, alleen bij hevige regenbuien kan het waterschap besluiten er water in te laten. Dit heeft gevolgen voor het type panelen, de bevestiging en hoogte van de installatie.

Drijvende panelen

Op verschillende plaatsen in Nederland verschijnen permanent drijvende zonnepanelen op een (grote) waterplas. De vraag is wat de invloed is van de panelen op de ecologie. De lichtinval verandert immers. Panelen boven ondiep water (ongeveer tot een meter diep) hebben een veel grotere (negatieve!) invloed op de vegetatie onder water dan panelen die boven dieper water drijven.

 

Metingen zijn nodig

Er is nog weinig gemeten aan bestaande drijvende zonnevelden. De effecten op de waternatuur zijn daarom nog niet bekend. Modellen zijn nog op veel aannames gebaseerd. Het is aan te raden om voorlopig terughoudend te zijn met dergelijke zonne’velden’ en te starten met enkele pilots die goed gemonitord worden. Denk daarbij aan de effecten op (blauw)algen, waterplanten, macrofauna en vissen.

 

Ecologie & Vergunning

Als drijvende panelen een significant deel van het water bedekken, dan is er vanwege de mogelijke negatieve invloed op de ecologie een vergunning nodig van het waterschap. In de aanvraag moet worden aangetoond dat de negatieve invloed te verwaarlozen is, of dat er voldoende mitigerende maatregelen worden getroffen.

Zodra de Omgevingswet van kracht is (naar verwachting na 2021) dan wordt deze vergunning in de totale Omgevingsvergunning geïntegreerd.

 

 

 

 

 

Contact met uw waterschap

Initiatiefnemers moeten zich melden bij het Omgevingsloket van de gemeente. Overleg met het waterschap is zinvol als:

  • de gemeente de betreffende locatie geschikt vindt, én
  • het initiatief in de beschermingszone van een waterkering of watergang is gelegen, ofwel op of boven water

De gemeente vraagt in haar ruimtelijke ordeningsprocedure advies aan het waterschap. Vervolgens brengt de gemeente de initiatiefnemer in contact met de planadviseur van het waterschap of (bij kleinere initiatieven) direct met een vergunningverlener.

 

De Wet- en regelgeving kan worden ingezien via deze website: www.agv.nl/onze-taken/keur/. In HDRS gebied kunt u ook mailen naar watertoets@hdsr.nl of op www.hdsr.nl zoeken op de term ‘zonnepark’ voor meer informatie.

Meer over regelgeving & procedure

Voor werkzaamheden in de buurt van een waterkering of watergang zijn de regels van de Keur van het waterschap van toepassing. In de legger van het waterschap zijn de beschermingszones vastgelegd. Zie onder meer: https://www.agv.nl/onze-taken/legger/.

 

Voor initiatieven op het land én boven water moeten initiatiefnemers een aanvraag indienen voor een omgevingsvergunning via het Omgevingsloket.

 

Verder is er een vergunning nodig van het waterschap voor de volgende situaties:

  • op het land binnen de beschermingszone van een waterkering
  • op het land en binnen de beschermingszone van de watergang (in geval van waterschap AGV en primair water: 5 meter vanaf de insteek)
  • initiatieven op of boven het water (zie voorgaande alinea ‘drijvende panelen’ over ecologie)

In dat geval moet u bij de aanvraag in het Omgevingsloket als bevoegd gezag óók uw waterschap aanvinken (Waterschap Amstel, Gooi en Vecht dan wel Hoogheemraadschap de Stichtse Rijnlanden).